Zo speelt Curaçao richting het WK 2026
zaterdag 30 mei 2026
Curaçao gaat als kleinste WK-deelnemer naar 2026 met een herkenbare, Nederlandse signatuur. Onder bondscoach Dick Advocaat leunt de ploeg op een compacte organisatie, verzorgd maar nuchter spel in balbezit en veel dreiging via snelle buitenspelers. In de praktijk wisselt Curaçao tussen een 4-3-3 en een 4-2-3-1, met een grote rol voor de creatieve middenvelders en aanvallers als Sontje Hansen, Brandley Kuwas en Jearl Margaritha.
De basis van het elftal staat al sinds de succesvolle kwalificatie. Eloy Room is de vaste doelman, Leandro Bacuna de leidersfiguur tussen achterhoede en middenveld, en in de voorhoede zorgen Hansen, Kenji Gorré en Margaritha voor diepte en doelgevaar.
- Bondscoach: Dick Advocaat
- Basisformatie: 4-3-3 / 4-2-3-1
- Speelwijze in het kort: compacte organisatie, gecontroleerde opbouw, veel diepte via de vleugels
- Belangrijkste speler: Leandro Bacuna
- Grootste kracht: ervaren defensieve ruggengraat met ruimte voor technische creativiteit uit de diaspora
- Grootste aandachtspunt: kwetsbaar bij snelle tegenaanvallen en de omschakeling na balverlies
Vaste formatie en geraamte van de ploeg
De oefeninterland tegen China in maart 2026 laat goed zien met welk geraamte Curaçao richting WK werkt. Toen stond Fred Rutten nog langs de lijn, terwijl Advocaat kortstondig aan de kant was, maar de namen en type spelers zijn onder Advocaat grotendeels hetzelfde gebleven.
Curaçao begon daar in een formatie die zich logisch laat lezen als een 4-3-3, die zonder bal inzakt naar een 4-5-1. Eloy Room stond onder de lat, met een achterhoede van Joshua Brenet, Sherel Floranus, Jurien Gaari en Leandro Bacuna. Bacuna vulde links een hybride rol in als vleugelverdediger en extra middenvelder. Op het middenveld vormden Juninho Bacuna, Riechedly Bazoer en Kenji Gorré de as. Voorin speelden Brandley Kuwas en Sontje Hansen als creatieve krachten rond de spits.
Die basisstructuur is richting WK 2026 het vertrekpunt. Advocaat kiest traditioneel voor een 4-3-3 of 4-2-3-1 met een duidelijke controleur voor de verdediging en veel vrijheid voor de aanvallende middenvelders. Dat past goed bij deze selectie, waarin veel spelers in Nederland zijn opgeleid en gewend zijn aan positiespel en duidelijke zones.
Vermoedelijke basiself richting WK 2026
- Doelman: Eloy Room
- Verdediging: Joshua Brenet, Sherel Floranus, Jurien Gaari, Leandro Bacuna
- Middenveld: Riechedly Bazoer, Juninho Bacuna, Kenji Gorré
- Aanval: Brandley Kuwas, Sontje Hansen, Jearl Margaritha
Vanaf de bank kan Advocaat de formatie gemakkelijk kantelen. Tahith Chong kan in een 4-2-3-1 als aanvallende middenvelder of vanaf de flank spelen. Jeremy Antonisse en Gervane Kastaneer brengen extra diepte en één-tegen-één-vermogen. In de achterhoede zijn Shurandy Sambo en Roshon van Eijma logische alternatieven, terwijl Godfried Roemeratoe en Kevin Felida opties zijn als controlerende middenvelders.
Spel in balbezit
Curaçao combineert een verzorgde opbouw met pragmatische keuzes. Zeker tegen gelijkwaardige Concacaf-teams wil de ploeg van achteruit voetballen via Jurien Gaari en Leandro Bacuna. Eloy Room wordt bewust als extra aanspeelpunt gebruikt om onder de eerste druk uit te komen. Het risico blijft beperkt: als de korte oplossing niet zuiver is, kiest Room direct voor de lange bal op de spits of op een naar binnen komende buitenspeler.
Centraal in het spel in balbezit staat Juninho Bacuna. Hij laat zich regelmatig uitzakken om de bal op te halen, draait open en zoekt dan snel de verticale pass tussen de linies. Zijn passing richting spelers als Hansen en Margaritha, die graag in de ruimte tussen back en centrale verdediger duiken, is een vast patroon in de kwalificatiecampagne.
Flankenspel en variatie in de aanval
Op de flanken vertrouwt Curaçao op spelers met creativiteit en schotkracht. Brandley Kuwas trekt vanaf rechts graag naar binnen om te schieten of de steekpass te geven. Sontje Hansen varieert als linksbuiten meer tussen breed blijven en in de halfspace komen. Jearl Margaritha en Jeremy Antonisse geven extra diepte wanneer zij in de omschakeling worden ingebracht.
Kenji Gorré speelt vanuit het middenveld in een vrijere rol. Vanuit de linkerkant zoekt hij voortdurend de combinatie met Hansen en Leandro Bacuna. Daarmee beschikt Curaçao over een sterk bezette linkerkant. Van daaruit ontstaan veel voorzetten en lage ballen terug richting de rand van het strafschopgebied, waar Juninho Bacuna of Bazoer kan afronden.
De backs, Brenet en Floranus, kiezen hun momenten om door te schuiven. Vooral Brenet komt vaak hoog op, zodat Kuwas naar binnen kan trekken. Floranus is behoudender en bewaakt de balans wanneer Leandro Bacuna doorschuift naar het middenveld. Daardoor staat Curaçao in balbezit regelmatig in een soort 3-2-4-1, met Gaari als spil in de laatste lijn, Bacuna als extra middenvelder en Brenet hoog aan de rechterkant.
Verdedigende organisatie en druk zetten
Verdedigend kiest Curaçao voor een nuchtere benadering. In de WK-kwalificatie, zeker in lastige uitwedstrijden tegen sterkere tegenstanders als Jamaica en Trinidad en Tobago, koos Advocaat voor een laag tot middelhoge organisatie. De ploeg zakt terug in een compacte 4-5-1, met Kuwas en Hansen terug op de middenlijn naast Juninho Bacuna en Bazoer.
De prioriteit ligt bij het gesloten houden van de as. Gaari, Bazoer en de broers Bacuna houden de ruimtes tussen de linies klein, waardoor tegenstanders zelden door het centrum kunnen combineren. Pas wanneer de bal naar de flank wordt gedwongen, schuift het blok naar voren en wordt agressiever druk gezet, met steun van Brenet of Floranus die doordekken.
Omschakeling als wapen
In de omschakeling naar voren is Curaçao gevaarlijk. Bij balverovering zoekt Bazoer snel de dieptebal op een van de vleugels, vaak richting Hansen of Margaritha. Kuwas en Gorré zijn sterk aan de bal en durven te dribbelen, waardoor de ploeg in twee of drie passes aan de overkant kan zijn.
Die speelwijze was duidelijk zichtbaar in kwalificatiewedstrijden waarin Curaçao lange fases moest verdedigen. Ook in de oefenreeks in 2026 blijft dat patroon overeind. Zelfs als de ploeg onder druk staat, is er altijd een plan om uit te breken via de vleugels. De combinatie van discipline achterin en dreiging voorin is een belangrijke reden dat Curaçao zich als kleinste land ooit voor een WK plaatste.
Het nadeel is dat de afstanden soms groot worden. Als de aanvallers na een counter niet snel genoeg terugschuiven, komt Bazoer in grote ruimtes te staan. Dan wordt de verdediging kwetsbaar voor snelle combinaties of tweede ballen rond het eigen strafschopgebied.
Sleutelspelers binnen het systeem
Ondanks de beperkte omvang van het land beschikt Curaçao over een opvallend brede selectie. Binnen dat geheel springen een aantal spelers er tactisch uit.
- Eloy Room: de ervaren doelman geeft rust en zet de verdediging neer. Met zijn coaching stuurt hij Gaari en Floranus voortdurend bij in hun positionering.
- Leandro Bacuna: captain en multifunctioneel. Hij kan linksback, controleur of rechtermiddenvelder spelen en vormt de schakel tussen de linies. Bij standaardsituaties is hij vaak de aangewezen nemer.
- Riechedly Bazoer: als middenvelder voor de defensie leest hij het spel uitstekend. Hij onderschept veel ballen en bepaalt het tempo in de opbouw.
- Juninho Bacuna: de creatieve motor in de as. Zijn passing en traptechniek zijn essentieel om compacte verdedigingen open te spelen.
- Sontje Hansen en Brandley Kuwas: zorgen voor doelpogingen en assists vanaf de flanken, ieder met een eigen stijl maar met constante dreiging rond het strafschopgebied.
- Tahith Chong en Jearl Margaritha: belangrijke wissels die het tempo omhoog brengen en vermoeide defensies pijn doen met loopacties in de rug.
De kern van Curaçao bestaat uit ervaren eredivisie- en internationaal geschoolde spelers, aangevuld met aanvallend talent uit diverse Europese competities. Dat geeft Advocaat de ruimte om per tegenstander te schuiven in accenten zonder zijn basisprincipes los te laten.
Recente wedstrijden en leerpunten
De laatste interlandmaanden voor het WK laten zien waar Curaçao staat tegen uiteenlopende tegenstanders. In de zware uitwedstrijd tegen China in maart 2026, met een elftal vol vaste krachten, bleek dat Curaçao het fysiek en positioneel aankan, maar nog kwetsbaar is in de details rond het eigen strafschopgebied. De 2-0 nederlaag kwam voort uit momenten waarop de organisatie net te laat herstelde na balverlies.
Uit de WK-kwalificatie komt een ander beeld naar voren. Daar toonde Curaçao juist een volwassenheid die je niet direct verwacht bij een debutant. De ploeg hield meerdere keren de nul tegen tegenstanders die normaal gesproken domineren in de regio en bleef in cruciale wedstrijden koel in de slotfase. De discipline in de lage organisatie en het opportunistische gebruik van omschakelmomenten leverden de historische WK-plaatsing op.
Sterke punten en aandachtspunten
- Sterke punten
- Ervaren ruggengraat met Room, Gaari, Leandro Bacuna en Bazoer.
- Creativiteit en schotkracht op het middenveld en de flanken met Juninho Bacuna, Kuwas, Gorré en Hansen.
- Gevaarlijke omschakeling met de snelheid van Margaritha, Antonisse en Chong.
- Aandachtspunten
- Ruimtes voor de defensie wanneer de buitenspelers hoog staan en het blok niet snel genoeg mee terugzakt.
- Kwetsbaarheid bij snelle spelverleggingen en tweede ballen rond de zestien.
- Beperkte ervaring op het hoogste eindtoernooi, waardoor concentratie en rust onder druk een rol kunnen spelen.
Verwachting richting het WK 2026
Curaçao reist naar het WK met een duidelijk idee hoe het wil voetballen en met een kern die elkaar goed kent. Dick Advocaat heeft in de kwalificatie en de maanden daarna een herkenbare structuur neergezet. De korte periode onder Fred Rutten heeft wat variatie gebracht, maar de basisprincipes zijn overeind gebleven.
Tactisch gezien is Curaçao een compact en realistisch WK-land. In de groepsfase zal de ploeg vermoedelijk weinig forceren met hoge druk en vooral leunen op een strakke 4-3-3 of 4-2-3-1, met nadruk op organisatie, spelintelligentie in de as en gif op de flanken. Tegen toplanden draait het om overleven en toeslaan in de omschakeling. Tegen meer gelijkwaardige tegenstanders kan Curaçao vanuit verzorgd balbezit en variatie op het middenveld zelf het initiatief nemen.
Met Room als ervaren sluitpost, Gaari als stille leider achterin en de broers Leandro en Juninho Bacuna als spil op het middenveld heeft Curaçao genoeg kwaliteit om langer in het toernooi te blijven dan veel buitenstaanders verwachten. De vraag is of de ploeg de organisatie uit de kwalificatie ook onder WK-druk intact houdt en of spelers als Hansen, Kuwas en Chong in de grote wedstrijden dat ene beslissende moment kunnen forceren.