Voorbeschouwing

Voorbeschouwing Zuid-Afrika: wat mag je verwachten?

zaterdag 2 mei 2026 · Zuid-Afrika

Voor het eerst sinds 2002 plaatste Zuid-Afrika zich weer op eigen kracht voor een WK. Een ploeg uit de eigen competitie, een Belgische routinier op de bank en een keeper die op de AFCON een legende werd.

Groep A · FIFA-positie #60 · 4e WK-deelname

Stel je het podium even voor. Op 11 juni gaan in het Estadio Azteca de lichten aan voor de openingswedstrijd van het hele WK, met tienduizenden Mexicanen op de tribune en de halve wereld voor de buis. En in dat heksenketel staat, tegenover gastland Mexico, het elftal van Zuid-Afrika. Voor een ploeg die jarenlang van het grote toneel verdween, kan een rentree haast niet groter beginnen.

Bafana Bafana is terug, en deze keer niet omdat het een toernooi mocht organiseren. Voor het eerst sinds 2002 plaatste Zuid-Afrika zich gewoon op eigen kracht, door als eerste te eindigen in de Afrikaanse kwalificatie. Dat klinkt vanzelfsprekender dan het is, want de weg ernaartoe was allesbehalve rustig.

Terug na een lange droogte

Om te begrijpen wat deze terugkeer betekent, moet je een paar jaar terug in de tijd. Zuid-Afrika debuteerde op het WK in 1998 in Frankrijk en was er vier jaar later in Japan en Zuid-Korea opnieuw bij. Verder dan de groepsfase kwam het in geen van beide gevallen, maar het land hoorde er wel bij.

In 2010 mocht Zuid-Afrika zelf het toernooi organiseren, het eerste WK ooit op Afrikaanse bodem. Het werd een onvergetelijke zomer van vuvuzela’s en uitpuilende stadions, en de openingsgoal van Siphiwe Tshabalala tegen Mexico bezorgt menig liefhebber nog kippenvel. Sportief eindigde het echter in mineur. Ondanks een knappe zege op Frankrijk werd Zuid-Afrika het eerste gastland ooit dat al in de groepsfase strandde. Wie van symboliek houdt, kan trouwens zijn lol op: ook in 2010 was de openingswedstrijd Zuid-Afrika tegen Mexico, en zestien jaar later staan precies diezelfde twee landen weer bij de aftrap tegenover elkaar.

Daarna werd het lang stil. WK na WK keek het land vanaf de zijlijn toe, terwijl andere Afrikaanse ploegen de show stalen. Dat maakt deze vierde deelname zo bijzonder. De ploeg is weer van de partij, en ze komt deze keer ook nog eens met de wind in de rug.

Het land van 1996 en het shirt van Mandela

Voetbal en Zuid-Afrika, dat is een verhaal dat verder reikt dan de sport alleen. Wie de geschiedenis van Bafana Bafana opzoekt, komt al snel uit bij 1996. Net uit het isolement van de apartheid mocht het jonge, herenigde land de Afrikaanse titelstrijd organiseren, en tot ieders verbazing won het die ook. In de finale ging Tunesië eraan, en het beeld dat bleef hangen was dat van Nelson Mandela, in een Bafana-shirt, die de beker overhandigde aan aanvoerder Neil Tovey.

Voor een land dat net uit een diep verdeeld verleden kwam, was dat veel meer dan een sportieve zege. Het was een moment van eenheid, een natie die zich even helemaal achter één elftal schaarde. Die herinnering kleurt het Zuid-Afrikaanse voetbal tot op de dag van vandaag. Elke nieuwe lichting draagt, of ze dat nu wil of niet, een stukje van dat verhaal met zich mee.

De plaatsing die bijna in rook opging

De weg naar dit WK liep door een lastige Afrikaanse poule, met onder anderen Nigeria en Benin als concurrenten. Lang bleef het spannend, met Benin dat tot diep in de reeks meedeed om de eerste plaats. En toen gebeurde er halverwege iets wat de zaak nog ingewikkelder maakte, iets wat helemaal niets met voetbal te maken had.

In een gewonnen duel met Lesotho stelde Zuid-Afrika Teboho Mokoena op, terwijl die door opgespaarde gele kaarten geschorst had moeten zijn. Een administratieve blunder van jewelste. De FIFA greep in, draaide de uitslag terug en kende Lesotho alsnog de overwinning toe, waardoor Zuid-Afrika een paar kostbare punten in rook zag opgaan.

Even leek het of die fout het hele toernooi zou kosten. De ploeg zakte in de stand en moest plotseling weer vol aan de bak. Dat het uiteindelijk toch lukte om bovenaan te eindigen, zegt iets over de veerkracht van deze groep. Een blunder op kantoor had de droom bijna om zeep geholpen, maar op het veld trokken de spelers de zaak alsnog recht.

Hugo Broos, de Belg die het al eens flikte

Aan het roer staat een opvallende keuze, zeker voor wie alleen naar het paspoort kijkt. Hugo Broos, een Belg van inmiddels in de zeventig, leidt Bafana Bafana sinds 2021. Een man met een verleden, want in 2017 loodste hij een jong en onbekend Kameroen verrassend naar de Afrikaanse titel. Precies dat soort klus zochten ze in Zuid-Afrika, en Broos pakte het op zijn eigen koppige manier aan.

Hij maakte schoon schip, schoof oudere namen aan de kant en gaf jonge spelers het vertrouwen. Broos is bot in de pers, zegt waar het op staat en ligt niet wakker van kritiek. Dat botste af en toe met de bond en de buitenwacht, maar het leverde wel een ploeg op met een duidelijk gezicht.

Het bewijs kwam op de AFCON van 2023, waar bijna niemand Zuid-Afrika een grote rol toedichtte. De ploeg verraste vriend en vijand door in de knock-outfase het torenhoog aangeschreven Marokko uit te schakelen, de ploeg die op het vorige WK nog de halve finale haalde. Pas in de halve eindstrijd ging het mis, op strafschoppen tegen Nigeria. Het brons dat volgde was de beste prestatie van het land op een AFCON in bijna een kwart eeuw, en het gaf Broos het materiaal en het krediet om door te bouwen richting dit WK.

Een elftal uit de eigen competitie

Wat dit Zuid-Afrika anders maakt dan de meeste WK-gangers, is waar de spelers hun brood verdienen. Waar andere landen hun sterren plukken uit de Premier League en de Serie A, leunt Bafana Bafana grotendeels op de eigen competitie. Het hart van de selectie komt van Mamelodi Sundowns, de club die de laatste jaren in heel Afrika meedoet om de prijzen en gewend is aan grote duels op het continent.

Dat heeft een groot voordeel. Veel van deze spelers kennen elkaar door en door, hebben samen titels gewonnen en weten blind waar de ander loopt. Een ingespeeld blok, in plaats van een verzameling individuen die elkaar een paar keer per jaar zien. De keerzijde dient zich op het WK vanzelf aan, want het niveau daar ligt een flink stuk hoger dan de duels die deze mannen wekelijks spelen. Hoe de ploeg standhoudt tegen tegenstanders van wereldklasse, is de grote onbekende.

Een enkele speler waagde wel de stap naar het buitenland, en juist die ervaring kan op een toernooi het verschil maken. Toch blijft de ruggengraat thuis geworteld, in een Zuid-Afrikaanse competitie die de afgelopen jaren een stuk sterker werd. Of dat genoeg is om mee te komen met de subtop van de wereld, wordt deze zomer voor het eerst in lange tijd weer op de proef gesteld.

Ronwen Williams, de man onder de lat

Als er één speler is om wie het bij Zuid-Afrika draait, dan staat hij in het doel. Ronwen Williams, aanvoerder en keeper, werd op de AFCON van 2023 een nationale held. In de kwartfinale tegen Kaapverdië pakte hij in de strafschoppenreeks maar liefst vier penalty’s, een huzarenstukje dat hem in heel Afrika op de kaart zette. In de troostfinale deed hij het kunstje nog eens dunnetjes over, met twee saves tegen DR Congo.

Williams werd uitgeroepen tot beste keeper van dat toernooi, en hij is precies het type doelman dat een outsider nodig heeft. Een man die zijn ploeg in de wedstrijd houdt als het tegenzit, en die op het beslissende moment ijzig kalm blijft. Voor Zuid-Afrika, dat het van de kleine marges moet hebben, is hij goud waard. Achter hem mag dan weinig ervaring op het allerhoogste niveau zitten, vóór de goal staat een keeper die al heeft bewezen dat hij niet knippert.

Hij is bovendien meer dan alleen een keeper. Als aanvoerder is Williams het rustpunt van de ploeg, de stem die de jonkies tot bedaren brengt als een wedstrijd dreigt te ontsporen. Die rol gaat hem natuurlijk af. In een selectie waarin de meeste mannen hun eerste WK beleven, is zo’n baken achterin van onschatbare waarde.

Mokoena, Mofokeng en de aanval

Voor het voetballende werk leunt Broos op een paar herkenbare namen. Teboho Mokoena is de motor van het middenveld, een speler met een geweldige traptechniek die op de AFCON al een paar keer van afstand binnenschoot. Bij stilstaande fasen is hij een wapen apart. Dat hij ongewild de hoofdrol speelde in de schorsingsaffaire, hoort er voor hem inmiddels bij. Op het veld blijft hij de man die het spel verdeelt en de aanval voedt.

Voor de dreiging zorgen de snelle types. Het jonge talent Relebohile Mofokeng geldt als een van de grootste beloften van het land, een dribbelaar die verdedigers tot wanhoop drijft. Op de flank loert Oswin Appollis, en in de punt moet Evidence Makgopa de doelpunten leveren. Links levert Aubrey Modiba zowel verdedigend werk als een schwung naar voren. Geen namen die de gemiddelde Europeaan zomaar uit zijn hoofd kent, maar in eigen land zijn het de dragers van een hele generatie.

De grote vraag voorin is wie de ballen er met enige regelmaat in schiet. Makgopa is in eigen land een prima spits, maar of dat zich vertaalt naar het allerhoogste niveau, moet hij nog laten zien. Daar wringt voor Broos de schoen. Zijn ploeg creëert genoeg, maar mist een aanvaller van wie je blind weet dat hij de kans afmaakt. Tegen de degelijke verdedigingen die op een WK wachten, kan dat het verschil maken tussen een punt en lege handen.

Hoe Broos zijn ploeg laat spelen

Verwacht van Zuid-Afrika geen elftal dat de tegenstander komt wegspelen. Broos heeft zijn ploeg geleerd om compact te staan, het middenveld dicht te houden en te wachten op het juiste moment. Met de jonge benen die hij tot zijn beschikking heeft, kan Bafana Bafana in de omschakeling snoeihard toeslaan. Energie en loopvermogen zijn de wapens, niet het geduldige opbouwen vanuit achterin.

Op de AFCON liet die aanpak zien wat hij waard is. Zuid-Afrika gaf weinig weg, leunde op de saves van Williams en sloeg toe als de kans zich aandiende. Het is geen voetbal voor de fijnproever, maar het is wel het soort voetbal waarmee een outsider verrassend ver kan komen. En dat is precies waar Broos op mikt.

Groep A: de underdog met een open deur

In groep A is Zuid-Afrika op papier het laagst aangeschreven van de vier. Gastland Mexico geldt als torenhoge favoriet voor de groepswinst, gedragen door het eigen publiek. Zuid-Korea, met sterspeler Son Heung-min, hoort eigenlijk ook bij een ander gewicht. En Tsjechië bracht via de play-offs een degelijke Europese ploeg mee. Bafana Bafana mag dan de buitenstaander zijn, in een open poule als deze is dat geen vonnis.

Want hier wreekt zich het nieuwe formaat in het voordeel van de kleintjes. Met 48 landen gaan de nummers één en twee door, en daarbovenop nog de acht beste nummers drie. Voor een ploeg als Zuid-Afrika betekent dat een reële kans op de knock-outfase, ook zonder dat het de groep wint. Eén goede uitslag tegen Tsjechië of Zuid-Korea, en ineens ligt er iets te halen waar het land nog nooit van mocht dromen.

Dit is het programma van Zuid-Afrika in de groepsfase:

  • Donderdag 11 juni, 21.00 uur, in Mexico-Stad tegen gastland Mexico. Meteen de openingswedstrijd van het toernooi, voor een uitverkocht Azteca.
  • Donderdag 18 juni, 18.00 uur, in Atlanta tegen Tsjechië. Op papier het duel dat over de tweede ronde kan beslissen.
  • Woensdag 24 juni, 03.00 uur Nederlandse tijd, in Monterrey tegen Zuid-Korea. Mogelijk de wedstrijd waarin alles op het spel staat.

Het zwaarste duel staat dus meteen bovenaan. Een nederlaag tegen Mexico is geen schande en zou ingecalculeerd zijn, maar dan moet er tegen Tsjechië en Zuid-Korea wel geleverd worden. Juist die middelste wedstrijd in Atlanta kan voor Zuid-Afrika het hele toernooi kleuren.

Bij dat openingsduel komt er nog een tegenstander bij die op geen enkel wedstrijdformulier staat: de hoogte. Mexico-Stad ligt op ruim tweeduizend meter, waar de lucht ijl is en elke sprint zwaarder aankomt dan je gewend bent. Voor de thuisploeg is het dagelijkse kost, voor Zuid-Afrika een factor om rekening mee te houden. Verstandig doseren in dat eerste duel kan zomaar belangrijker blijken dan vol gas geven.

Thuis kijkt een heel land mee

Voor de Zuid-Afrikaanse fan wordt het een toernooi met de wekker erbij. Door het tijdsverschil met Noord-Amerika valt het slotduel tegen Zuid-Korea midden in de nacht, en ook de andere wedstrijden vragen om wat schuiven met de agenda. Dat zal de pret niet drukken. Voetbal leeft in Zuid-Afrika, en een WK waarop het land zelf weer present is, voelt na al die jaren als een feest op zich.

Het is bovendien een land dat zijn elftal door dik en dun volgt, ook in de magere jaren. De koosnaam Bafana Bafana, wat zoiets als de jongens betekent, wordt met genegenheid uitgesproken, zelfs toen de resultaten ronduit tegenvielen. Nu er eindelijk weer iets te juichen valt, groeit de aanhang met elke ronde die de ploeg langer meedoet.

Voor de spelers is die aandacht een steun in de rug. Ze spelen niet zomaar voor zichzelf. Achter ze staan miljoenen mensen die stiekem hopen op een herhaling van dat oude gevoel uit 1996. Dat besef kan verlammen, maar bij deze lichting lijkt het vooral brandstof te zijn.

Hoe ver kan het komen?

Reëel blijven hoort erbij. Zuid-Afrika is geen ploeg die op een WK een gooi doet naar de titel, en de meeste bookmakers rekenen het bij de hekkensluiters van het toernooi. De spelers zijn jong, de ervaring op dit niveau is beperkt, en één onbezonnen moment kan tegen betere ploegen meteen worden afgestraft.

Een plek bij de laatste 32 zou voor deze ploeg al een mijlpaal zijn, het bewijs dat de weg die Broos is ingeslagen ergens toe leidt. Veel verder kijken heeft weinig zin, daarvoor is de kloof met de echte grootmachten te groot. Maar je hebt op een WK soms maar één avond nodig waarop alles klopt, met Williams in bloedvorm en een tegenstander die zich verslikt, en zo’n outsider schrijft ineens geschiedenis.

Maar precies daarin schuilt de charme. Niemand verwacht iets, en dat geeft een vreemd soort vrijheid. Zou Bafana Bafana de groepsfase overleven, dan zou dat de beste WK-prestatie uit de geschiedenis van het land zijn, beter dan welke eerdere lichting ook. Voor een ploeg die jarenlang van de radar verdween, zou alleen dat al voelen als een overwinning op zichzelf.

Meer dan een nummertje meedraaien

Het mooie aan dit Zuid-Afrika is dat het niet komt om netjes drie keer te verliezen en weer naar huis te gaan. Broos heeft een ploeg gebouwd die ergens in gelooft, gedragen door een keeper met staal in de benen en een lichting jonge spelers met honger. Op de AFCON lieten ze al zien dat ze een heel continent op zijn kop kunnen zetten.

Op 11 juni begint het, op de grootst denkbare bühne, tegen het gastland en met de hele wereld die kijkt. Of het wat wordt, weet niemand. Maar Bafana Bafana is in elk geval terug waar het hoort, en dit keer is het van plan om een blijvende indruk achter te laten.

Onafhankelijke fansite wk-voetbal-2026.nl. Standen, blessures en de definitieve selectie kunnen na publicatie nog veranderen.

Lees ook

Recente artikelen

Alle artikelen →